Hoofdstuk 3

d’Ell-eri(op zijn verzoek zal ik zijn naam verder zo gebruiken, behalve in onze dialogen, want mijn voorkeur gaat uit naar d’Ell, waarbij ik Veg-hel meestal Veg noem, maar buiten onze directe gesprekken Veg-hel zal noemen) werd op de tweede dag van de maand Haaai vroeg opgeschrikt door zijn vriend, die aankondigde dat de afspraak met de ambassadeur vandaag zou plaatsvinden.

d’Ell-eri was op zijn nieuwe verblijfplaats enigszins verstoken geraakt van de daadwerkelijke datum en had daardoor de afspraak op een later moment bedacht. Geen probleem verder, want hij verveelde zich behoorlijk en keek uit naar een nieuwe uitdaging. Hij sprong uit bed en maakte zich gereed voor de dag

Als voetnoot: d’Ell-eri ziet er vrijwel hetzelfde als u en ik. Dit is geheel toevallig. Er bestaan talloze levensvormen in de vele sterrenstelsels van dit universum. De menselijke vorm komt redelijk vaak voor. Het is een universeel handig ontwerp op zuurstofhoudende, steenachtige planeten, waarbij het stereo effect van de ledematen, handen of vergelijkbare grijpers, en zintuigen goed werkt met betrekking tot de evolutie van een logisch redenerend entiteit.

Zoals al eerder aangegeven zal ik u zo min mogelijk vermoeien met omrekeningen en uitleg over de plaatselijke gebruiken, en alles zoveel mogelijk naar aardse begrippen vertalen.

Niet lang nadat d’Ell-eri zich in vol ornaat had aangekleed, arriveerde de ambassadeur op het kleine ontvangstplateau van Ak6. Hij liep, zonder Veg-hel te begroeten, naar de deur van de kleine hangaar. Veg-hel was, ondanks zijn in mindere mate aanwezige emotionele gevoelens, niet blij met deze respectloze ontmoeting. Hij had al eerder van deze man gehoord, maar stond toch een beetje beteuterd te kijken naar de rug en het achterhoofd van Altero Lar.

Altero was de ambassadeur van de planeet Huije; een ambassadeur met de volmacht van een dictator. Een dictator die over de hele planeet heerste, over een soort die zichzelf de Bruï noemt. De voorschriften stonden hem niet toe de term dictator te gebruiken, maar er bestond geen twijfel over het feit dat zijn macht alomvattend was. Dit betekende niet dat hij alle beslissingen nam op de verschillende niveaus, daar had hij een uitgebreid ambtelijk bestuursorgaan voor, maar alle grote beslissingen werden door hem genomen.

De Bruï hebben een systeem ontwikkeld waarbij de macht na de dood van de ambassadeur overgaat naar een Bruï die genetisch is voorbereid op deze grote uitdaging. Dit gebeurt door de beste eigenschappen voor een leider te implementeren in een genetisch aangepaste Bruï, die vanaf zijn geboorte wordt opgeleid voor deze taak.

Eigenlijk moet ik dit in het meervoud zeggen, omdat op verschillende continenten op Huije dezelfde procedure wordt toegepast, waarna er na het overlijden, of in een heel enkel geval het aftreden, van de huidige ambassadeur, uit deze kandidaten in een continentale verkiezing de nieuwe leider wordt gekozen.

Vaak spelen bij deze verkiezingen nationalistische gevoelens mee, terwijl juist een groot deel van de opleiding tot ambassadeur bestaat uit het ondergeschikt maken van triviale zaken die invloed kunnen hebben op besluitvorming. Maar Bruïs blijven Bruïs; zoals dat bij vrijwel alle intelligente levensvormen het geval is, worden deze gevoelens in meer of mindere mate gevoed door dezelfde emotionele reflexen.

Altero was een humanoïde, of een Bruïsiode, en bijna twee keer zo groot als een gemiddeld mens. Hij zag eruit als een transparante albino met lichtrode kattenogen en vlassig, glasachtig haar, waarin niet direct een andere kleur dan die van zijn gelaat was te ontdekken. Dit albino-achtige uiterlijk was een gevolg van de genetische aanpassingen uit zijn jeugd. Bruïs hadden, net als mensen op aarde, verschillende verschijningsvormen ten aanzien van kleur en fysieke kenmerken. Buiten zijn grootte was het meest aansprekende vormverschil dat hij vrijwel geen zichtbare oorschelpen had. D’Elleri en Veghel waren ook wat groter dan een gemiddeld mens, maar toch een stuk kleiner dan de arrogante Bruï die net was aangekomen.

Altero draaide zich in de deuropening om en keek Veg-hel een beetje verbaasd aan. ‘Kom je niet mee?’ vroeg hij. ‘Ik moet met je baas praten.’ Veg-hel keek strak in de emotieloze roofdierogen van Altero en liep langzaam naar hem toe. ‘Ik weet niet wie je denkt dat ik ben, maar in ieder geval geen werknemer,’ zei hij kalm maar dreigend.

Veg-hel was en is een formidabele tegenstander, en alle trucs die de Ö hadden kunnen implanteren in dit bijzonder artificiële wezen waren geïmplanteerd. Altero zou dan ook, ondanks zijn bouw en grote spierkracht, weinig kans hebben tegen Veg-hel.

Altero zag in de lichtgrijze ogen het gevaar en nam een iets bescheidener houding aan. ‘Zo bedoelde ik het niet, maar ik dacht, omdat jij de telefoon aannam en de afspraak inplande, dat er een baas-medewerker verhouding aanwezig was. Mijn excuses, maar als je nu zo goed wilt zijn om mij aan d’Ell-eri-Us-Ö voor te stellen, dan ben ik je zeer erkentelijk.’ Veg-hel keek hem nog een keer goed aan en besloot om het te laten gaan en deze man zijn verhaal te laten doen bij zijn “baas”. Hij moest even grinniken bij de gedachte en vroeg zich af of d’Ell-eri, of Eri zoals hij hem meestal noemde, op enige manier misschien toch wel zijn baas was. Denk het niet, gaf hij zichzelf na enige overwegingen toe.

Zijn verhouding met Eri was en is, ondanks zijn artificiële achtergrond, geheel gelijkwaardig. In veel opzichten overstijgen de mentale en fysieke eigenschappen van Veg-hel die van Eri zelfs. d’Ell-eri zou zelf ook nooit zijn vriend op enig manier als zijn eigendom of, erger nog, als werknemer zien. d’Ell-eri kan zich op vele vlakken goed meten met Veg-hel en excelleerde zelfs in enkele eigenschappen, maar als het op pure kracht aankomt of wiskundig talent, dan moet hij in Veg-hel, ook al is het verschil niet groot, zijn meerdere erkennen.

Veg-hel had één groot hiaat, en dat was zijn onvermogen om voorbij de feiten te kijken. Hij kon tot op zekere hoogte de waarheid vervormen tot iets wat leek op fantasie, maar hij werd daar altijd zeer ongemakkelijk van. Een eigenschap die d’Ell-eri absoluut niet deelde. d’Ell-eri heeft het vermogen om alle verschillende mogelijkheden van de realiteit te verbeelden, een eigenschap die in zijn werk als privé detective goed van pas komt.

Privédetective… hij was daar zelf altijd een beetje nonchalant over; hij zag zichzelf liever als een ‘privé oplosser van zeer grote problemen’. Bij privédetective krijg je toch vaak het idee van een man of vrouw die ingehuurd wordt door een wanhopige partner om de buitenechtelijke affaire van zijn of haar wederhelft te achterhalen. Dit was zeker niet aan d’Elleri besteed, Hij deed het niet voor minder dan een onoplosbare misdaad of erger.

Precies dat wat vandaag zou worden aangeboden door Altero, en wat hem naar de aarde zou leiden.

Sluit je aan bij onze verhalencommunity!

Word onderdeel van onze groeiende community van verhalenliefhebbers. Deel jouw passie voor schrijven, ontdek nieuwe verhalen en laat jouw stem horen. Samen maken we deze plek uniek en inspirerend. Meld je vandaag nog aan!